Auto in de winter : dingen die je tegen kan komen.

•Deuren kunnen vastvriezen als de auto in de winter buiten staat.

Voorkomen : Er zijn sticks in de handel met een smeerseltje om het rubber niet vast te laten vriezen. Talkpoeder of siliconenspray op de rubbers wil ook helpen. Oplossen: Sloten bevroren: thuis: slotontdooier, zakje warm water, sleutelbaard verwarmen met aansteker of föhn. Niet thuis: met je lichaam ongeveer 5 minuten tegen slot aan staan. Pas op met een föhn en gebruik zeker geen verfafbrander. Met name ramen die je met een föhn verwarmt kunnen stuk gaan als je hem te dichtbij of te veel op een plek houdt.

Auto in de winter

•Handrem kan vastvriezen. Trek die dan nog eens extra aan, alweer om het ijs te breken. Maar nog beter: gebruik de handrem in de winter niet. Laat de auto in P of zijn 1 of achteruit staan.

Oplossen: Als hij niet losgaat door hem extra aan te trekken, laat dan de motor een minuut of 15 draaien en zet de kachel hoog. De handremkabel ontdooit dan vanzelf.

•Als de auto niet wil starten, schakel dan bij voorkeur voor starthulp de Wegenwacht in. Door ondeskundig handelen kan vooral bij moderne auto’s door starthulp schade ontstaan aan de elektronica.

•Schaf een spuitbus met ruitontdooier aan. Deze kan zijn diensten ook voor vastgevroren deuren bewijzen. Leg deze bus daarom niet in de auto.

•Er zijn speciale dekens te koop voor over de voorruit. Die zorgen er voor dat je niet hoeft te krabben. Gebruik geen kranten, als die nat worden en vastvriezen ben je nog veel verder van huis.

•Ruitensproeiers werken niet: leg op de sproeierkopjes een zakje warm water. Als het reservoir (door zomervulling) bevroren is, aanvullen met warm water. Na het ontdooien het water vervangen door winterharde vloeistof.

Auto in de winter: Veilig rijden bij gladheid en sneeuw

Enkele handige tips:

•Eerst krabben, dan instappen, starten en rustig wegrijden. Gelijk de blower vol aan op de warmste stand en richten op de voorruit. Doe de centrale dashboardroosters even dicht, dan gaat er meer lucht naar de voorruit. En heb je airco, gebruik die dan ook in de winter voor het ontwasemen van de ramen. Ga pas rijden als je goed zicht hebt.

•Schakel op sneeuw om weg te rijden de tweede versnelling in. Dan is de kans op doorslippen een stuk kleiner. Geef niet teveel gas en laat de koppeling langzaam opkomen. Als je een automaat met sneeuwstand hebt, gebruik die dan.

•Pas je snelheid aan en houd te allen tijde voldoende afstand tot de voorligger. Verder moeten alle handelingen met beleid gebeuren. Heel voorzichtig gas geven. En zeker bij terugschakelen de koppeling niet abrupt laten opkomen, want zelfs daardoor kun je slippen. In bochten niet te scherp sturen.

•Als er veel sneeuw op de auto ligt, veeg die er dan vanaf voordat je gaat rijden. Anders waait het er af bij hogere snelheden, en dat veroorzaakt gevaar voor automobilisten en motorrijders achter je. Je kunt zelfs een boete krijgen voor het rijden met zo’n besneeuwde auto.

Auto in de winter: TIP – Bewaar de slotontdooier nooit in de auto.